Flyball

Flyball is, een estafettesport met je hond, een teamsport. Flyball bestaat uit vier hindernissen, een ballen-apparaat, een hond en een handler. Stapsgewijs wordt de hond geleerd om zo snel mogelijk via de vier hindernissen naar het ballenapparaat te gaan, het ballenapparaat te bedienen zodat de bal te voorschijn komt, de bal te vangen en dan zo snel mogelijk weer via de hindernissen, mét bal, naar de baas terug te komen. Het aanleren gaat in eerste instantie individueel. Het ballenapparaat en het springen van de hindernissen wordt apart van elkaar aangeleerd. Zodra de hond beide onderdelen goed beheerst worden deze onderdelen samengevoegd en gaat de hond leren de hele baan te lopen. Gaat dit goed dan gaat de hond leren om te wisselen met andere honden en kan er in teamverband worden getraind. 

Flyball en gezondheid
Flyball is een belastende sport voor de hond. Ze moeten zo snel mogelijk een parcours afleggen om uiteindelijk een bal te kunnen pakken en over het parcours terug te komen. Dit parcours bestaat uit sprongen tot de “ballenbak”. De handlers zijn hun hond over het algemeen enthousiast aan het aanmoedigen om ze maar zo hard mogelijk te laten lopen. Daarbij nemen ze, zoals eerder gezegd sprongen en sprongen zijn belastend voor de gewrichten. Eenmaal bij de ballenbak moeten ze (herhaaldelijk) tegen een plank springen zodat de bal loslaat. Dit is belastend voor de gewrichten en vooral voor de polsgewrichten. Dan moet de hond tijdens de sprong snelheid afbreken en kort wenden en ze draaien van nature altijd naar dezelfde kant. Dit abrupt wenden is belastend voor de rug en de gewrichten.

Reacties zijn gesloten.